
De toerklassieker L-B-L, georganiseerd door Le Champion, is een jaarlijks terugkerende uitdaging voor veel wielertoeristen. Dit jaar reden er 5 leden van onze vereniging de tocht. Drie kozen voor de middenafstand van 175 km en twee gingen voor de volledige route van 245 km. De route was dit jaar weer wat aangepast en dat betekende nog meer klimmen.
Al in de eerste etappe werden we geconfronteerd met de Côte de Chambraille, die een steil stukje kent van maar liefst 20%. Dat was nieuw en meteen een zware trap naar boven.
De tweede uitdaging is de Wanne, weliswaar een wat minder steile klim met 13% als steilste stuk, maar door de lengte ervan behoorlijk zwaar.
Na de rust op de Wanne volgt een scherpe afdaling richting Stavelot, maar voordat we het stadje bereiken, buigt de route af en na een scherpe bocht moeten we ineens terug naar de kleinste versnelling om de Col de Stockeu op te rijden. De maximale stijging is maar liefst 21%. Het is de heftigste klim in de hele route en ze komt direct na de Wanne, wat het extra zwaar maakt. Sommigen moeten even van de fiets, ook ik. Het voorwiel komt op het steilste stuk los van de weg en dan is er geen houden meer aan. Afstappen is de enige optie om vallen te voorkomen. We rijden rond de Wanne en komen aan het eind van de klim over de Stockeu deelnemers tegen die nog naar boven moeten. Nu volgt er een stuk dat minder heftig is. Het gaat op en neer en biedt ons de gelegenheid om ons heen te kijken. De Ardennen toont zich op zijn mooist in een lekker zonnetje. Na een volgende pauze gaan we op voor de laatste zware klim.
Als fietsers klagen we wel eens over slechte wegen in Nederland. Wie echter een keer in België heeft gefietst, houdt hier verder zijn mond. Sommige stukken van de route waren ronduit gevaarlijk door de gaten in de weg. Hier en daar werd er gewerkt aan de weg en was het uitkijken om niet in een gat te rijden. Sommige stukken waren zelfs afgesloten voor het verkeer, maar de route liep er wel langs! Niet sterk van de organisatie die er zelf op aandringt je aan de regels voor het verkeer te houden.
Le Champion heeft moeite om goede rust- en stemplaatsen te vinden in de Ardennen. De eerste plaats was bij een Ranch waar buitenactiviteiten worden georganiseerd. Het is een grote accommodatie, maar wij als fietsers moesten buiten blijven. Op de Wanne speelt zich ook alles in de open lucht af. De slechtste oplossing was een rust op een parkeerplaats met grof steenslag. Op La Redoute is evenmin enige beschutting of gelegenheid te zitten. In het recente verleden is dit wel beter geweest.
Het weer kon dit jaar voor ons niet beter. Bij de start om 7 uur was het niet al te koud, de zon kwam al snel door, maar het werd niet heet en er stond nauwelijks wind. Kortom ideaal fietsweer. Wij hebben de hele tocht in droog weer gefietst, maar deelnemers die na half 5 binnen kwamen kregen nog een bui te verwerken en kwamen als verzopen katten binnen.
Op zondag 24 januari hebben 7 leden en 8 gasten weer een baanclinic beleefd op de wielerbaan in Alkmaar. Hoewel er veel sneeuw op de weg lag, waren we gelukkig toch op tijd in het Velodrome. De keuze van de fiets is het eerste spannende moment. Hangt mijn maat er wel bij? Dan volgt het sleutelen van de eigen pedalen en alvorens er gestart kan worden moet het zadel op de juiste hoogte worden gezet..
Al snel is iedereen er voor klaar om de eerste ronden te rijden. De nieuwelingen krijgen instructie hoe er moet worden gereden en waar je op moet letten. De anderen kunnen zich alvast warm trappen.
Na een aantal oefeningen en aanwijzingen voelt iedereen zich goed thuis op de baan en wordt de snelheid steeds hoger. Dan komt het ultieme moment. Wie kan het hardst één volle ronde van 250 m. rijden?
Hieronder ziet u de uitslag:
| nr. | Naam | afst. | Tijd in sec | km/uur |
| 1 | Konijn Gerben | 250 | 16,53 | 54,446 |
| 2 | Konijn Richard | 250 | 17,01 | 52,91 |
| 3 | Cuiper Norbert | 250 | 18,18 | 49,505 |
| 4 | Hoorn Ger van | 250 | 18,63 | 48,309 |
| 5 | Rijnders Erno | 250 | 19,12 | 47,071 |
| 6 | Holthuis Hans | 250 | 19,26 | 46,729 |
| 7 | Kunis Piet | 250 | 19,44 | 46,296 |
| 8 | Schenk Peter | 250 | 19,62 | 45,872 |
| 9 | Has Jan Piet | 250 | 19,66 | 45,778 |
| 10 | Groot Hans | 250 | 20,43 | 44,053 |
| 11 | Jong Frits de | 250 | 20,43 | 43,774 |
| 12 | Swinkels Cees | 250 | 20,61 | 43,668 |
| 13 | Verbeek Maarten | 250 | 20,74 | 43,394 |
| 14 | Vries Hans de | 250 | 20,88 | 43,103 |
| 15 | Has Piet | 250 | 21,37 | 42,115 |
Op de jaarlijkse feestavond zijn ook de kampioenen binnen onze vereniging bekend gemaakt. Het mooie zomerweer heeft veel leden ertoe aangezet een flink aantal kilometers te fietsen. Voor het eerst in de geschiedenis van de club is er een winterkampioen. Pieter Kos fietste in de periode november 2008-februari 2009 maar liefst 4425 km!
Dames:
In de zomercompetitie van de dames is Ank Knook met maar liefst 11705 km kampioene geworden. Veel mannen laat ze hiermee achter zich. Een goede tweede was Anneke Has met 8205 km en Gre Bos werd derde met 6237 km.
Heren:
Even ruim de halve wereld rond, dat was de afstand die Koos Klarenbeek tot kampioen in 2009 maakt. Koos reed in binnen- en buitenland maar liefst 22856 km. Daarmee overschreed hij ook een andere grens, namelijk die van de 300.000 km in clubverband. Binnen onze vereniging zijn er geen andere leden die al gepresteerd hebben.
De tweede plaats werd ingenomen door Jaap v.d.Aarde. Hij reed 16500 km. Jaap werd op de hielen gezeten door Piet Brandhoff, die 15534 fietste en hiermee derde werd.

Kootwijker ven
We willen allemaal wel eens wat anders. Soms leidt dit tot gezamenlijke uitstapjes naar toertochten buiten onze provincie. Dat was ook de zaterdag voor Pasen het geval. Een aantal leden ging naar Veenendaal-Veenendaal om zich uit te kunnen leven op de Posbank. Zelf koos ik, samen met Pieter Kos een tocht vanuit Nunspeet.
Elf april stapten we om zeven uur in de auto om een tocht van 125 km te rijden bij De Volharding, de toerclub in Nunspeet. Om half negen waren we klaar voor de start van de twee sterrentocht die we in het TEP hadden uitgezocht. De lange broeken konden in de tas blijven want het was schitterend weer. Al bij de start wees de thermometer 15 graden aan en de temperatuur zou alleen maar oplopen. Onderweg konden ook de mouwtjes uit en reden we in zomertenue en dat begin april!
Als je naar Nunspeet gaat verwacht je dat de route direct de Veluwe op zal gaan. Dat was echter een misvatting. We werden het Noorden ingestuurd over smalle, maar mooie B weggetjes. In de verte konden we Flevoland zien liggen. De route was uitstekend uitgepijld en dat is toch aangenaam fietsen in een omgeving waar je niet eerder bent geweest. Uiteindelijk kwamen we uit in ’t Harde en daarmee op meer bekend terrein. Natuurlijk moesten we de Knobbel over. Daarna werden we de Dellen ingestuurd, niet naar Heerde, maar rechtsaf naar Epe. In de bossen liggen prachtige woningen, die nu goed te zien zijn, omdat de bomen nog niet in het blad staan. Al slingerend over de Veluwe komen we in Apeldoorn aan. We moeten langs Het Loo en de Julianatoren, bekende herkenningpunten. Het gaat op en neer en begint voelbaar te worden in de kuiten, maar nog even en dan is er koffie met appelgebak in Hoog Soeren. Op de controleplaats is het druk, daar hadden we onderweg niets van gemerkt, waarschijnlijk omdat we niet om precies acht uur waren gestart, maar een half uurtje later.
Na de koffie loopt de route lekker naar beneden. In Assel staat vlak voor de spoorwegovergang een pijl rechtdoor en dat leidt naar een klim over de snelweg A1. Aan het eind van de klim staat echter geen pijl welke kant we uit moeten en ik krijg een donkerbruin vermoeden dat we verkeerd gereden zijn. Pieter pakt de routebeschrijving en jawel we hadden direct na de spoorlijn rechtsaf gemoeten. Er rest ons niets anders dan terug te gaan. Gelukkig gaat dit naar beneden. We zijn niet de enigen die verkeerd gereden zijn, want er komt ons een flinke groep tegemoet, die we ook aan de koffie troffen. We gaan nu voor het spoor Linksaf en ja daar staat een pijl die ons weer op de goede weg helpt. Bijna gaat het nog een keer fout, maar nu zien we op tijd dat we op de 80 km route uitkomen als we rechtdoor gaan. Wij moeten rechtsaf de Dassenberg beklimmen.
Als we bovenop de Dassenberg zijn, buigen we linksaf richting Uddel. Het fietspad loopt nu naar beneden en met een flinke snelheid, soms boven de 40 km per uur razen we het fietspad tot Uddel. Voor Garderen is een verzorgingspost met drinken en een halve banaan, die we niet afslaan. Er is dan 100 kilometer onder de wielen doorgegleden.
We komen nu in een gebied waar we wel meer gefietst hebben, Speuld is de eerste plaats die we tegenkomen. Daarna gaan we naar Elspeet en via Elspeet naar Vierhouten. Vlak voor het dorp worden we de hei opgestuurd. In augustus is dit een prachtig paars stuk, nu is het bruin. We naderen het eindpunt. Ineens zegt Pieter: ik geloof dat ik een lekke band heb. Als dat zo gezegd wordt hoef je er niet aan te twijfelen dat het ook zo is. We moeten nog een spaar kilometer naar de finish en het is een afloper. Pieter probeert het met het oppompen van de band om zo de eindstreep te halen. Het lukt! Na 129 km zijn we terug. Een mooi rit op een prachtige dag. Het kon niet beter.
We hebben dit jaar een prachtige Pasen gehad. De eerste paasdag heel lekker weer en de tweede paasdag heel mooi fietsweer. Iedereen heeft zich dus uit kunnen leven op de fiets!
Onze buur, Toerclub Grootebroek organiseerde op tweede paasdag tochten over verschillende afstanden.
De 100 km tocht trok mij wel aan en dus ben ik ’s-morgens vroeg uit bed gerold om op tijd, dat wil zeggen acht uur, in de kantine van TCG te zijn.
Thuis was het eerst nog puzzelen welke kleding het geschiktst zou zijn. Uiteindelijk toch maar de korte broek en het jack aan, om op deze manier warm genoeg te blijven.
Bij aankomst bleek dat veel andere deelnemers er anders over gedacht hadden. Zij hadden de lange broek gekozen. Gelukkig werd ik niet teleurgesteld; het was precies goed wat ik aan had. Het fietst toch een heel stuk lichter in een korte broek.
Met nog twee leden van onze vereniging en slechts 15 man van TCG gingen we op weg.
Het was een tocht achter voorrijders, dus om de route behoefden we ons niet te bekommeren, dachten we.
Het pakte even anders uit, want ook de voorrijders wisten niet exact hoe de route liep.
Het uiteindelijke doel, het eiland Wieringen, kon iedereen wel vinden, maar er leiden verschillende wegen naar toe en dat kan verwarring geven.
Na een paar keer even anders gereden te hebben dan de route aangaf, kwamen we toch in de Harmonie in Hyppolytushoef.
De Koffie, voor sommigen met gebak, ging er lekker in.
Ondertussen werd overlegd hoe we terug zouden rijden. Dat ging over het eiland en weer door de Wieringermeer.
Met de wind in de rug was het een peulenschil. Al snel zagen we Medemblik. Daarna via Andijk en oversteken naar Lutjebroek en de rit zat er op.
Het boekje laten aftekenen voor de rittencompetitie en naar huis.
Een mooie rit, dankzij het mooie fietsweer zat er op.
Jammer dat er niet wat meer leden van onze vereniging meededen, tenslotte komen er ook veel TCG-ers bij ons fietsen.
In het weekend van 12 t/m 14 september hebben 27 deelnemers/sters ons jaarlijkse weekend weer met elkaar beleefd. Dit keer zaten we in hotel Erica in Berg en Dal, onder Nijmegen.
Dat het weer in Nederland erg wisselend kan zijn hebben we weer eens ervaren! Op vrijdag viel de regen met bakken uit de lucht. Dat betekende voor sommigen die kort na de middag uit Westfriesland waren vertrokken, veel fileleed. Niet verwonderlijk als je op de radio hoort dat er die dag 530 km langzaam en stilstaand verkeer is.
Degenen die wat op tijd waren vertrokken, konden echter ook niet op de fiets weg, zo slacht was het weer. Dan maar het museum in. Het Afrika museum lag op loopafstand van het hotel.
Zaterdag, vanuit het bed direct kijken hoe het er buiten uitziet. Nog niet droog! Alle tijd voor een prima ontbijt en daarna tot twaalf uur een “vrije” ochtend. Gelukkig was het toen droog en konden we alsnog aan onze tochten beginnen. We waaierden in drie groepen uit. De afstanden werden wat ingekort, zodat we toch op tijd terug zouden zijn. Onze rit ging naar Kalkar door het stroomgebied van de Rijn. Het is een gebied dat qua natuur niet veel te bieden heeft. Hier en daar reden we op de rivierdijk en dat is wel mooi. In Kalkar lagen in het plein allemaal ronde steentjes, het was dus opletten op die gladde dingen om niet onderuit te gaan. Lekker even koffie op een terras. Daarna hebben we nog een stukje van de Via Romania gereden richting Xanten om vervolgens af te buigen naar Nederland. In de omgeving van Straelen werden we verrast door de vele kleuren in de heidevelden. Heide om in de tuin te zetten, tientallen hectaren bij elkaar. Op een fietspad terug naar ons hotel schoten de kastanjes onder onze wielen uit. Die waren met de regen naar beneden gekomen. We hielden het droog en het weer knapte zelfs een beetje op!
Na genoten te hebben van een heerlijk diner en nog wat nagepraat onder het genot van een en ander was het bedtijd.
Zondagochtend; direct het gordijn open en… prachtig weer, alleen fris aan de benen.
Na opnieuw van een heerlijk ontbijt te hebben genoten en de lunch te hebben verdeeld, gingen we op de fiets. Dit keer leidde de route ons eerst over de Waaldijk. Met de oosten wind in de rug een lust. We hadden een prachtig uitzicht op de rivier.
Bij Dodewaard verlieten we de dijk om dwars door de Betuwe naar Rhenen te gaan. Koffie, we stopten in Rhenen bij een wel zeer bekend fietserscafé en het terras zat dan ook al vol met fietsers uit verschillende windstreken, onder andere een groep uit Buinen, ook een eind van huis. Het was er zo druk dat we bijna vergeten werden, dus nog maar eens aan de juffrouw “getrokken” met de vraag waar onze koffie met appeltaart bleef. Komt goed was de boodschap en inderdaad, daar kwam het dienblad met de lekkernijen. We vervolgden onze weg richting Veenendaal en Wageningen. Bij Bennekom zijn we de bossen ingereden om er boven Arnhem weer uit te komen prachtig stuk. Daarna via Oosterbeek, Heveadorp en Doorwerth terug naar de brug bij Heteren. Opnieuw duiken we de oostkant van de Betuwe in en via Valburg en Elst komen we in Bemmel. We rijden tussen de fruittuinen door en ook de boomkwekerij is in dit gebied volop aanwezig. Nadat we door Lent zijn gereden komen we weer uit op de Waaldijk. Opnieuw moeten we de Waalbrug over en dan nog een stukje vals plat om weer in Berg en Dal te komen. De tocht is volbracht onder prachtige weersomstandigheden.
Iedereen is vrijwel gelijktijdig terug in het hotel, tijd om te douchen.
Op het terras nemen we onder genot van een kop koffie afscheid. De thuisreis gaat zonder oponthoud, geen regen geen files.
We hebben een heerlijk weekend gehad.
Zaterdag 6 september was het zover, alle verenigingen konden via een fietstocht hun kas spekken.
Dat hier volop gebruik van werd gemaakt, was al snel duidelijk. Om negen uur in de morgen zag ik uit alle straten van Zwaag mensen naar de start in Hoorn en Blokker fietsen. De meesten op de gewone fiets en ook nog het regenpak aan.
Bij start in Blokker was het gezellig druk. Het betekende ook een blokkade van de weg voor ander verkeer, want fietsers stonden over de hele weg verspreid. Met de fel oranje rugzak op was het duidelijk wie deelnemer was . Een stroom fietsers ging mij vooraf over De Zwaagdijk naar Hauwert.
Op een fruitbedrijf was de eerste stop. Hier werden heerlijke appels uitgedeeld. Velen maakten van de rustplaats gebruik om de regen kleding uit te trekken. Het was droog en dan is een regenjack toch wel erg warm.
Op weg naar Wognum ging de route eerst richting Midwoud. In het open veld was te merken hoeveel wind er stond. Bij de bank in Wognum waren danook veel rode hoofden te zien, de inspanning droop er van af.
Op naar Hoorn via een nieuw fietspad door de weilanden achter Wognum. Op moment dat ik bij de bank in Hoorn aankwam was het er rustig, de medewerkers hadden alle tijd om hun kinderen te instrueren hoe je een kaart moest afstempelen.
Het laatste stukje van Hoorn terug naar Blokker ging voor de wind over de Bangert en was zo gepiept. Gelukkig bleef het de hele ochtend droog, dus dat troffen de deelnemers.
Van onze vereniging heb ik diverse leden gezien, sommigen fietsten voor onze club, anderen steunden een andere vereniging. Allemaal actief en daar ging het om en natuurlijk om de kas van de club te spekken.
In Epe op de Veluwe wordt al jaren de Elf heuvelentocht georganiseerd. Dit jaar zijn 4 leden er geweest. Zij waren geïnspireerd door de enthousiaste verhalen van Dirk Bakker. Zaterdag 23 augustus was het zover.
Wanneer je net Luik-Bastenaken-Luik hebt gefietst, dan zijn de verhogingen in het landschap op de Veluwe slechts molshopen.In vergelijk met de heuvels in de Ardennen. Toch is het een tocht die de nodige inspanning vraagt, vooral als je, zoals wij, voor de 150 kilometer route kiest.
Elf heuvelen over fietsen, we waren nieuwsgierig welke we tegen zouden komen.
De eerste die we twee keer moesten nemen was De Bult bij ’t Harde. Daarna zijn we de Hoge Duvel, midden in het bos opgereden en tenslotte was de Vuurse berg bij Hattum een duidelijke klim. En de rest van de elf? Echte heuvels waren het niet. Het venijn zat in het feit dat er veel vals plat in de route zat en dat bijt op de lange duur flink in de kuiten.
Het is een heel plezierige tocht om te rijden. Bij aanvang werden we al opgevangen en netjes naar een parkeerplaats geloodst. De inschrijving verliep vlot. We stapten om even voor acht uur op de fiets. Grote zwarte pijlen op een oranje ondergrond wezen ons de weg. Op splitsingen en kruisingen stonden mensen van de organisatie om ons veilig over te laten steken. Op drie plekken in het parcours bood de organisatie drinken en iets te eten aan en bij twee café s konden we stempelen en zonodig een pauze houden. Na afloop was er zelfs live muziek!
De elf heuveltoer wordt op de noord-Veluwe verreden. Het is een prachtig, afwisselend landschap door bos en langs heidevelden, die in bloei stonden.
De uitgezochte wegen waren rustig en van goede kwaliteit. In sommige delen overheerste de maïs, waardoor soms de kijk op de omgeving werd weggenomen.
Wie goed oplette zag de sporen van de wilde zwijnen in de bermen en soms ook in het grasveld voor de woningen. De grond was dan flink omgeploegd.
2009, volgende editie.
Wie een keer een mooi en goed georganiseerde rit op de Noordkant van de Veluwe wil rijden, kan op 22 augustus in Epe terecht. Dan wordt alweer de 35e elf heuvelen toer gereden.
Het klimwerk in de Ardennen is een uitdaging voor veel toerfietsers. Ook binnen onze vereniging zijn er altijd leden die het gevecht op de klimmen in de Ardennen willen aangaan. Dit jaar gingen vier leden met elkaar naar Luik en een “gastrenner”. Pieter Kos, Larry Schouten, Ger van Hoorn en een zwager van Ger reisden op vrijdagmorgen al richting Luik. Het plan was, na het opzetten van onze tenten op de camping bij Tilff, alvast een voorproefje te doen door een klein rondje te fietsen.
Op de reis naar Luik werden we zo nu en dan overvallen door een regenbui. Bij Weert hebben we koffie gedronken en troffen we elkaar om samen verder te reizen.
Het werd na de koffie niet droger en op de camping hebben we tussen de buien door de tenten opgezet. Kort daarna kwam het hemelwater met bakken naar beneden. Onder de paraplu zijn we naar Tilff gewandeld om onder het genot van een cappuccino de bui af te wachten en dan op de fiets te stappen. De Buien volgden elkaar echter snel op en als we dachten even blauwe lucht te zien, dan was de lucht al heel snel weer loodgrijs. We besloten om eerst maar onze deelnemerskaarten in Luik te gaan halen en daarna misschien nog te fietsen. Terug uit Luik hadden we nog steeds de paraplu nodig om droog te blijven, dus niet op de fiets. Dat viel in het water!
’s-Avonds in Tilff bij de ons bekende “Italiaan” de nodige calorieën naar binnen gewerkt, in de vorm van verschillende soorten pasta, lekker. Daarna de slaapzak opgezocht, in de hoop dat het zaterdag ander weer zou zijn.
Om kwart voor zes gaat de wekker, opstaan de tent afbreken, ontbijten en vertrekken naar Luik. Het is kort gezegd, maar het kost toch even tijd, de natte tent opruimen en in de auto alles weer inladen. We zetten de auto’s kort voor de finish, zodat we op de terugweg onze douchespullen meteen op kunnen pikken. Het valt ons op dat het rustiger is dan andere jaren, een voorbode dat veel deelnemers door het slechte weer zijn afgehaakt. Het is echter mooi, rustig weer met een prima temperatuur om te fietsen. Om half acht krijgen we ons startstempel en gaan we op weg.
Als we 10 kilometer buiten Luik zijn begint de eerste klim. De Côte d’Embourg met een stijgingspercentage van 7% ligt voor ons. We worden stil en warm. Als we in Beaufais boven zijn, hebben we een hoogte van 270 meter bereikt. We dalen af en rijden omhoog en omlaag om dan de Côte de Kin van 11% aan te vallen. Klein schakelen en op tijd schakelen! Wie dat niet doet komt langs de weg te staan. Als we Stoque bereiken zitten we op 345 meter hoogte. Na de afdaling volgt nu een vlakker stuk tot Liernieux. Het is echter steeds valsplat en dat voel je in de kuiten. Baraque de Fraiture is ons eerste doel. De controlepost ligt op het hoogste punt van België, 638 meter boven de zeespiegel. Na 2 uur en drie kwartier en 64 kilometer hebben we dit punt bereikt. We zijn toe aan koffie en even uitrusten! Ondertussen is het mooi weer geworden en de weg is droog, wat een verschil met gisteren! Een geluk dat we de regenjacks in de auto hebben gelaten.
Na de rustpauze krijgen we een lekker stuk dalen. Het is wel oppassen, want het gaat over smalle wegen, die hier en daar nogal wat gaten vertonen. Op weg naar De Wanne, een beruchte klim, moeten we eerst bij Joubieval nog omhoog naar 439 meter. Na Vielsalm komt de klim naar de top van De Wanne met een maximale stijging van 16% vergt die heel wat van ons. Eenmaal boven worden we beloond met een banaan, plakken koek en AA-drink. Even bijkomen en dan afdalen naar Stavelot. In het stadje worden we door elkaar geschud op de kasseien, die daar nog in de straat liggen. Er is geen ontkomen aan. Na Stavelot komt in mijn beleving de zwaarste klim, de Côte d’Amermont met een maximale stijging van maar liefst 21%. Deze klim begint direct heftig als we van de grote weg afdraaien. Wie hier niet op tijd geschakeld heeft staat stil en kan opnieuw beginnen. Stampend op de pedalen en met het kleinste verzet klim ik naar boven. Voor me zie ik Larry en Pieter gaan. Achter me werkt Ger zich in het zweet en moet een klein stukje lopen. Als we boven zijn en weer de grote weg opdraaien gaan we op weg naar de Côte de la Haute Levée. Dat stijgt slechts met 6%, maar onze snelheid ligt dan op ongeveer 15 kilometer per uur. We passeren Francorchamps en krijgen de Côte du Maquisard, met een maximale stijging van 9% voor de wielen. Dit stuk is nieuw in et parcours en de zwaarte liegt er niet om. Na een flinke afdaling moeten we vrij plotseling linksaf. Sommigen zijn zodanig verrast dat het fout gaat. Bloed op de weg, geen best teken!
La Reid, de stop voor de laatste zware klim bereiken we met zijn drieën. Even later meldt Ger zich met de telefoon. Alle vijf zijn we heel op deze stop aangekomen.
De meest beruchte en besproken klim komt er nu aan. Vanuit La Reid gaat het eerst nog licht omhoog, voordat we afdalen naar Remouchamps. Door smalle straatjes worden we naar de voet van de Redoute geleid. De maximale stijging die we moeten overwinnen is 20%. Die hobbel ligt ongeveer midden op de berg. Omdat deze klim aan het einde van de rit zit, is hij erg zwaar. Iedereen komt hijgend en stampend naar boven en is blij als de top fietsend wordt gehaald. Haast iedereen stopt onmiddellijk als hij/zij boven is en dat is verraderlijk: door de lage snelheid sta je dan ook meteen stil en moet je oppassen dat je niet omvalt voordat je een voet uit het pedaal hebt.
Na de controlestempel gaan we weer op weg. Nog steeds loopt de weg wat op en dat voel je. Nog één heuvel met een klim van max 6% en dan alles naar beneden. Met snelheden van 50 kilometer en meer rijden we richting Luik. Aan de finish is het druk. Iedereen is blij. We hebben een mooie rit gereden. We zijn Jeroen Rijs, ook een lid van ons gepasseerd. We hebben heerlijk na afloop gedouched en zijn allemaal heel thuis gekomen. De fietsen zijn alleen tijdens het reizen, zowel heen als terug nat geworden, maar tijdens de rit. Hebben we prachtig weer getroffen, wat een geluk!
Twee augustus, de Rabo-Heerde-Veluwe-Toertocht staat op het programma.
Om de tocht van 150 kilometer te rijden, moeten we vroeg uit de veren. Ik sta om even over zes uur bij Larry voor om zijn fiets op te laden en om kwart over zes rijden we via Flevoland naar Heerde.
Voordat we het terrein op kunnen worden onze fietsen genummerd. Na het inschrijven wordt gecheckt, aan de hand van het nummer aan onze fiets en het nummer op onze startkaart, of we onze eigen fiets meenemen. Als dat blijkt te kloppen, kunnen we van start.
Het eerste plaatsje waar we doorkomen is Hoorn, nooit gedacht dat er ook een Hoorn in Gelderland ligt! Daarna gaat het via Vorchten en Marle naar de IJsseldijk. We genieten van het fraaie uitzicht op de IJsselvallei aan de ene kant en de IJssel aan de andere kant. In Hattum begint het “klimwerk”. We gaan door de Dellen en via de Bult naar ’t Harde. De heide bloeit nog net niet. We zijn een week te vroeg. Door de bossen beschut rijden we over de Noord-Veluwe, een prachtig fietsgebied. Op de eerste controle na 45 kilometer, in het bos, krijgen we limonade en een banaan. De route loopt verder door het bos naar het recreatiegebied ’t Zandenbos bij Nunspeet. De weg is hier slecht door de talrijke boomwortels, de enige dissonant in de route.
Via Staverden en Garderen rijden we naar onze eerste koffiepauze en dat is na 77 kilometer! We hadden er echt zin in. Na van de koffie en de rustpauze genoten te hebben fietsen we via Kootwijkerbroek en Assel naar Hoogsoeren, een heel mooi stuk door bos en heidevelden. In Hoog-Soeren maken we een foutje door rechtdoor te rijden in plaats van linksaf te slaan. Het gevolg: 5 kilometer omrijden en een stukje meer vals plat overwinnen. Als we weer op de route zitten wacht ons de afdaling naar Elspeet. Het gaat met meer dan 40 kilometer per uur naar de volgende koffiestop. Hier genieten we van de overheerlijke appeltaart. We hebben er dan ruim 120 kilometer opzitten.
We beginnen aan de laatste 40 kilometer. Via Vierhouten en Gortel gaat het weer richting ’t Harde. De Bult doemt voor ons op, maar voordat we aan de klim toe zijn gaan we rechtsaf. Opnieuw rijden we door de Dellen. Vals plat omhoog en dat voel je in de kuiten! Toch rijden we met een flink tempo door en om 13.45 uur staan we weer bij de kantine van voetbalvereniging Heerde. We laden de fietsen op, douchen ons, laten de toerboekjes aftekenen en gaan voldaan naar huis. Onder prachtige weersomstandigheden, half zon half bewolkt en op de terugweg meest voor de wind, hebben we een heerlijke tocht gereden.
Op het terrein van de Wageningen Universiteit troffen we elkaar, tien leden van onze vereniging die de uitdaging van de 150 kilometer tocht aangingen.
Onder prachtige weersomstandigheden zijn we met elkaar van start gegaan.
In het routeboekje staat prominent aangegeven dat we 1446 hoogtemeters moeten overbruggen. Al snel voelen we aan onze benen dat we niet in Noord-Holland rondrijden, maar op de Veluwezoom. Het gaat langzaam omhoog en dan weer naar beneden. Na een flinke afdaling, het waarschuwingsbord zegt 10%, moeten we over een smal fietspad weer omhoog om de eerste kuitenbijter te overwinnen. We rijden nu op en af en komen langs Burgers Zoo op weg naar de eerste uitdeelpost bij het vliegveld Deelen.
Op een boerenerf heeft de organisatie stands ingericht waar zij naast de bekende banaan ook heerlijke broodjes uitdeelt. Iedereen is enthousiast hierover. Na deze breek gaan we via Hoenderloo op weg naar Loenen.
Vanuit Loenen gaat de route naar Laag Soeren en komen we in de omgeving van de Posbank. Eerst moeten we de Lange Juffer oprijden we weggetje dat vals plat omhoog loopt. Dan loopt de route over De Posbank, maar velen merken het niet omdat het geleidelijk omhoog gaat. Vervolgens beklimmen we de beroemde heuvel van een andere kant, dat kost meer moeite! De groep valt uiteen en boven wachten we op elkaar. Als iedereen er is storten we ons langs de meest steile kant van de Posbank naar beneden. De teller geeft een snelheid boven de 50 km per uur aan. We zijn zo in Arnhem. Aan de bovenkant van de stad is het klimmen en dalen, met als uitsmijter een felle klim naar de controlepost. Ons groepje is nu wat uit elkaar geslagen en sommigen rijden een stukje verkeerd, ondanks de perfecte uitpijling. In de zon op het gras wordt bijgekomen van dit intensieve stuk in de route
We dalen voorzichtig af vanaf de hooggelegen controlepost, om vervolgens direct weer te klimmen. We moeten nog slechts 35 km. Het vele vals plat en het op en neer fietsen begint echter zijn tol te eisen. Het tempo zakt, vooral als de weg omhoog loopt. Als uitsmijter moeten we nog via een holle weg omhoog en wie hier te laat heeft geschakeld is ridder te voet. De Wageningse berg is de slotklim voor deze dag. Als deze overwonnen is zijn we terug. We hebben een mooie rit gereden, maar zijn het erover eens dat je deze tocht niet moet onderschatten, vooral de laatste loodjes wegen zwaar.
De 2e Pinksterdag gaat er een stroom toerfietsers richting Bolsward. De traditionele Elf Steden Tocht wordt op deze dag gereden. Ook ik begeef me in de stroom van deelnemers naar de start.
Door de grote deelname, er mogen 14000 fietsers van start, worden er telkens groepen van 700 toeristen naar de start gebracht door de muzikanten die hun voorafgaan. Ook dat gaat op traditionele wijze in klederdracht.
Dit jaar is Pinksteren uitzonderlijk vroeg en dus ook de Elf Steden Tocht.
We treffen het, want het is al een week prachtig weer en dat is ook met de Pinksterdagen zo gebleven. Toch is het, als ik van start ga om 5.40 uur nog fris en ben ik blij mijn mouwtjes aangetrokken te hebben. Bij anderen staan de haren recht overeind op de armen.
Met de matige oosten wind op kop rijden we het eerste deel van de noordelijke lus naar Holwerd en Dokkum. Tussen deze twee plaatsen stop ik op de terp van Hantum om daar in het plaatselijke café een kop koffie te drinken. In Dokkum is de eerste tijdcontrole. Ik benniet te vroeg en kan door naar Leeuwarden. Onderweg passeren we het beroemde bruggetje in Bartlehiem. Wanneer zouden de schaatsers hier weer onderdoor rijden? Het stuk van Dokkum terug naar Bolsward gaat voor de wind. Het gevolg is dat ik na de soep in Bolsward toch moet wachten, te snel gereden!
In de tweede lus naar beneden is duidelijk meer publiek op de been dan in de eerste, dat zal wel samenhangen met het tijdstip en de temperatuur, die nu lekker is opgelopen. Het is ideaal fietsweer.
Tussen IJlst en Sloten word ik verrast. Meestal moesten we wachten voor de pleziervaart op het Prinses Margrietkanaal, maar nu ligt daar een aquaduct met een fietspad en kon ik voor het eerst in 33 tochten zomaar doorrijden!
Bij Sloten zie Stef Kuiper staan in ons clubshirt, een groet en ik ben hem voorbij.
Gelukkig hebben we op de dijk tussen Oude Mirdum en Staveren ook de wind mee en dat is heerlijk, anders kan dit een taai stuk zijn.
In Staveren krijgen we een drinkyochurt aangeboden, ik heb alle tijd om dat naar binnen te werken, want ook nu ben ik te vroeg.
Het laatste stuk gaat wat meer tegen wind, langs de IJsselmeerdijk naar Hindeloopen en Workum. Om 14.30 uur rijd ik Bolsward weer binnen. Ik haal mijn medaille op en laat mijn toerboekje afstempelen en ga met een voldaan gevoel naar huis.
Als ik in de auto zit denk ik nog aan onze andere leden die nog onderweg zijn. Zij zijn om even voor half acht gestart. Later hoor ik dat zij ook lekker gefietst hebben en om 19.30 uur binnen waren. Volgend jaar weer?
Onze buren, de Toerclub Grootebroek, hield op 13 april haar molentocht. Er was een ruime keuze in afstanden, met als langste de 125 km. Om 8 uur stonden er vier Westfriezen klaar om met de Grootebroekers de tocht te maken. Het zonnetje lachte ons toe en omdat het een toertocht was, schaarden we ons achter de voorrijders.
Het kon niet missen dat we hier en daar dezelfde molens als vorige week tegen kwamen.
Vanaf de kantine van SAV ging de route naar Wervershoof en vervolgens naar Medemblik. Daarna een klein stukje door de Wieringermeer, om via Opperdoes naar Oostwoud en Abbekerk te gaan. Opnieuw doken we door het gat in de Wieringermeerdijk en zagen we de molens voor onze energie volop draaien. Dat betekende wind. En de wind nam toe. Al snel verlieten we de ‘Meer” om via Aartswoud naar de Langereis te gaan. De Berkmeer werd gerond.
Hier staan een paar hele mooie molens, die het bekijken waard zijn. Via Rustenburg en een ommetje door de Schermer bereikten we de koffiestop in de Rode Leeuw in Ursem. Hier kan je een prima stop houden; grote koppen koffie en een aantrekkelijke prijs; € 1.20 per kop, dat tref je niet vaak in de horeca.
Na de pauze slingerde de route door het oostelijk deel van Westfriesland. Via de Wogmeer naar Wognum. Van Wognum naar Blokker, langs ‘onze’ molen naar Wijdenes, waar de Stofmolen staat.
Omdat de dijk is afgesloten reden we binnendoor via Hem en Venhuizen naar Enkhuizen. In de dorpen bloeien de pruimenbomen volop en ook de Magnolia ontvouwt haar knoppen. We namen nog een klein stukje polder na Bovenkarspel en reden vervolgens terug naar de kantine van SAV. De molentocht was volbracht, nog even op de fiets naar huis om vervolgens te genieten van Parijs Roubaix.
Op 6 april hielden we onze eerste tocht, waaraan iedereen mee kon doen. Het aanbod betrof maar liefst 4 afstanden. Dit jaar kon voor het eerst ook 20 kilometer worden gereden. Hier werd door zeven mensen, waarvan twee kinderen gebruik gemaakt. Het is een voorzichtige start, maar biedt zeker perspectief als het weer wat aantrekkelijker wordt. Op de andere afstanden reden 73 deelnemers, waarvan maar liefst 40 voor de negentig kilometer kozen. Het weer bepaalt.
Het weer heeft een belangrijke invloed op de deelname en daarom zaten we de dagen voor de tocht met interesse naar het weerbericht te kijken. Daar werd je niet vrolijk van! Veel wind en nu en dan buien is geen goed bericht voor ons. Zondag viel het echter alles mee, het was droog en er stond niet al te veel wind. Zo hier en daar ging een bui, maar die plaagde ons niet. Thuisblijvers hadden dus ongelijk, zoals zo vaak gebeurt.
Zelf heb ik de 90 kilometertocht gereden. Met een naam als Op Wielen langs Wieken, mag je niet anders verwachten dan dat er veel molens langs de route staan.
Dat was ook zo. Vanaf molen De Krijgsman reden we binnendoor naar Wervershoof.
Daar staat De Hoop te pronken langs de weg. Via Oostwoud en Opperdoes komen we bij de molen die bij Medemblik op de dijk staat. Dan duiken we de Wieringermeer in. Hier draaien de moderne wieken aan talloze windmolens. Via Winkel en Moerbeek komen we bij onze koffiestop in Waarland. We worden opgewacht en snel bediend. Wie wil kan ook gebak bij de koffie krijgen tegen een alleszins redelijke prijs. Na de koffie gaan we naar het Verlaat en Oude Niedorp. In Hoogwoud passeren we de Lastdrager. Vervolgens rijden we rond de Berkmeer met een viertal molens die de polder vroeger droog hielden en nu monumenten zijn.
Langs de Zomerdijk zien we in het veld nog een molen staan. Daarna wippen we over de A7 en zien we “onze” molen aan de Noorderdracht weer opdoemen.
Een mooie route die zeker zijn naam waardig is hebben we met zijn allen zonder pech volbracht en zonder een spat regen!
In het TEP staan voor zaterdag 12 april verschillende tochten aangekondigd.
Aanvankelijk overweeg ik om naar TC Express in Amsterdam-noord te gaan, maar later besluit ik om het toch dichter bij huis te zoeken en de Koggetoer te rijden.
Om negen uur gaat de toertocht achter voorrijders van start vanaf het station in Hoorn.
We rijden dit keer de zuidelijke variant. Ik zie nog twee leden van onze vereniging. We sluiten aan achter de mannen van Le Champion, die deze tocht georganiseerd hebben.
Er staat veel wind en dan is het lekker om in het zog van een ander te rijden. Scheelt al gauw 15% qua inspanning. Het tempo ligt bij deze tocht altijd laag, rond de 20 kilometer per uur, maar toch zijn er deelnemers die tegen wind hier nog moeite mee hebben.
De sliert toerfietsers slingert door het Westfriese land van Schellinkhout naar Nibbixwoud en van Wognum naar De Wogmeer. In Schermerhorn staat de koffie klaar.
We pauzeren even. Daarna moeten we nog even tegen wind naar Zuid-Oost-Beemster. Dan gaat het over de dijk van de Beemster naar Oosthuizen. Voor de wind loopt de snelheid iets op naar 25 tot 26 kilometer per uur.
Via de Markermeerdijk bereiken we Hoorn weer.
We troffen droog, maar winderig en koud weer en door het tempo kon je je niet warm fietsen.
Zondag 16 maart, de lucht is grauw en het regent constant. Dit weertype past ons absoluut niet, want we houden onze openingsrit op deze dag.
De meeste leden hadden het al begrepen en kwamen in de normale kleding, maar sommigen waren nog zo enthousiast om op de fiets in onze clubkleding te verschijnen. De routes waren klaar, maar ook zij besloten om toch niet van start te gaan, op twee doorzetters na!
We dronken gezellig een kop koffie in De Molen en spraken af om 12.15 uur wee terug te komen voor de gezamenlijke lunch.
Op de aangegeven tijd waren we met 30 leden in De Molen en dat werd een gezellige boel. Onder het genot van een kop soep, een dikke, verse bol en een kopje koffie hebben we lekker even bijgepraat.
Hoewel het een tegenvaller was qua weer, was de sfeer toch goed en hebben we plezierig het seizoen voor geopend verklaard.
Nu maar hopen dat we het op onze volgende ritten beter treffen met het weer.
Het is storm op de zaterdag voor onze oefentocht. Hoe zal dat zondag zijn?
Eerst kijken op het weeralarm van de ANWB. Op zondag zal het rustiger zijn.
Zondagmorgen, het is droog en het waait, maar het is niet koud. Voor de wind rijd ik naar De Molen. Dat gaat lekker. Een aantal leden druppelt binnen, zowel voor de dertig als de vijftig kilometer.
Om tien uur gaan we in twee groepen van start. De wind is noord-west en de route gaat naar Nibbixwoud, Aartswoud en Lambertschaag. We kunnen meteen oefenen in het tegen de wind in rijden en wind staat er! In de Wieringermeer krijgen we de wind in de rug, het rijdt heerlijk en zonder moeite gaat de snelheid naar de dertig kilometer per uur. Medemblik, Onderdijk en Andijk passeren we in rap tempo. Op de Veilingweg naar Bovenkarspel merken we hoeveel wind er staat. Je kunt er haast tegen aan hangen en de kracht lijkt wel toe te nemen. Na de Drechterlandse weg overgestoken te hebben, gaan we direct rechtsaf, het fietspad op. De wind blaast pal op kop. Onze snelheid zakt en zakt. Het wordt stil in de groep. Bij Hoogkarspel zoeken we De Streekweg op om enige beschutting te vinden. In Westwoud draaien we naar links, even uitrusten met de zijwind in de rug en dan het Wijzenddijkje op.
De wind heeft over de kale vlakte alle grip op ons. Het lijkt wel te stormen. De snelheid zakt beneden de twintig kilometer! Gelukkig is De Molen niet ver meer, maar de laatste paar kilometer vraagt nog een flinke inspanning van ons. De oefentocht is volbracht, maar heeft meteen duidelijk gemaakt dat er nog aan de conditie gewerkt moet worden.
Is training belangrijk voor het toerfietsen? Het gaat niet om het hardst. Op dat vlak is er geen competitie. Toch is het wel belangrijk om te trainen als je tochten wilt rijden. Met een goede conditie beleef je meer plezier aan de ritten die je rijdt. Het gaat ook niet alleen om spierkracht, maar ook om “zitvlees” zoals dat zo plastisch wordt uitgedrukt.
Op zondagmorgen starten er bij De Beurs verschillende groepjes die op hun niveau fietsen en daar weer conditie op doen om bijvoorbeeld de Ronde van Noord-Holland te fietsen of Dwars door de Beemster. Om 10.00 uur start een groep die ongeveer 27 km per uur fietst en om 9 uur gaan de snelle mannen van start.
Sluit u aan om alvast weer wat kilometers in de benen te krijgen.
Op 28 november hielden we onze jaarlijkse feestavond.
Dit is de gelegenheid om ook de kampioenen van de vereniging bekend te maken.
Er is weer heel wat gefietst, waarbij blijkt dat de dames steeds meer kilometers maken en de heren een stabiel patroon laten zien.
Bij de dames overtroefde Ank Knook haar medefietsers. Zij reed maar liefst 9773 km. Een goede tweede was Anneke Has die 7907 km fietste. Zij werd met een derde plaats gevolgd door Gre Bos met 7130 km.
De dertien dames die met de competitie meededen fietsten met elkaar liefst 57816 km.
Drie en veertig heren leverden hun kilometers in. Zij reden met elkaar 247328 km, een lichte teruggang ten opzichte van 2007, toe er 261142 kilometers zijn geregistreerd. Topper was ook dit jaar weer de onverslaanbare Koos Klarenbeek, die maar liefst 22699 kilometer onder zijn wielen door liet gaan. Op de tweede plaats gevolgd door Jaap van de Aarde die net geen twintig duizend kilometer fietste, maar het bij 19800 kilometer liet. Goede derde was Piet Has met13295 kilometer.
Twee leden passeerden een magische grens; Arie Ruiter reed dit jaar de 40.000 km. Vol en kreeg hiervoor de wereldbol uitgereikt. Cor Hoogland, één van de oudste leden van de WFTC, kreeg een extra herinnering omdat hij de grens van 100.000 kilometer is gepasseerd.
In de rittencompetitie was Fred Dijs de winnaar. Fred had 44 ritten in zijn toerboekjes staan en dat aantal werd door niemand anders gehaald.
Na dit min of meer officiële gedeelte werd de avond gevuld met een paar ronden bingo en een quiz over Westfriesland. Een grote groep sponsors had voor mooie prijsjes gezorgd, waardoor iedereen aan het eind van de avond met een prijs naar huis kon gaan.
Op een verjaardagpartij werd de suggestie gedaan om een keer als vutters bij de toerclub in Dalfsen te komen fietsen. De afspraak was snel gemaakt en op 21 augustus hebben we de fietsen op de auto gezet.
We zijn in het clubhuis van TC Dalfsen, een vereniging met 180 leden, ontvangen met koffie en koek. Nadat ons verteld was waar we naar toe zouden fietsen en welke snelheid ongeveer aangehouden zou worden, stapten we met 17 man op de fiets.
Prachtige omgeving.
Nog maar nauwelijks waren we op weg of het eerste mooie stukje Salland ontvouwt zich voor ons. We rijden over een dijk langs de Vecht. Daarna gaat het via binnenwegen naar de Lemelerberg. Deze moest uiteraard worden beklommen. Voor geoefende fietsers is dat echter slechts een pukkel in het landschap, die gemakkelijk genomen wordt. Onze gastheren leiden ons via smalle fietspaden door de oude veenkoloniën. Nu groeit er soms bos, dan heide en hier en daar lopen de koeien er los rond. We passeren Vroomshoop en komen aan de grens met Duitsland.
Het landschap begint iets te golven en stukjes vals plat zijn ons deel.
In Uelsen in Duitsland is de rustpauze gepland. Hier stappen we af om in de biergarten ons broodje op te eten. We zijn wat vroeg, de stoelen staan nog in de ruststand. Geen probleem, snel wat tafeltjes tegen elkaar en de stoelen er om heen en de koffie kan langs komen. Bedient u heren is het motto. De kopjes worden verdeeld en er komt een grote kan koffie op tafel. Wie wil er eigen gebakken appeltaart? Alle vingers gaan omhoog. Wie wil er soep? Ook nu laat niemand verstek gaan. De inwendige mens wordt goed verzorgd. Na een uurtje gezeten te hebben, stappen we weer op. We krijgen de rekening en knipperen even met onze ogen: twee koffie, één appelgebak met slagroom en een kom kippensoep kosten € 6.50 !! Kom daar eens om in Nederland.
De tocht gaat nog een stukje door op Duits grondgebied. Een wegversmalling en twee betonnen palen geven aan waar de grens is. Weer rijden we langs de Vecht. Nu achter Hardenberg. Via Mariënberg gaat de route naar Beerze. We worden verrast door een hoosbui en schuilen tot deze voorbij is. Binnendoor rijden we via Ommen en Vilsteren weer naar Dalfsen.We hebben een prachtige dag gehad en de dalftenaren uitgenodigd ook eens in Noord-Holland te komen fietsen.

Vrijdag 10 augustus start voor ons de tocht L-B-L met de reis naar de camping in Tilff. ’s-Morgens om 9 uur vertrekken we met z’n drieën, Pieter Kos, Larry Schouten en Erno Rijnders.
Om drie uur in de middag zijn we klaar om onze eerste kilometers in de Ardennen te rijden. Het weer valt niet helemaal mee: het motregent een heel klein beetje. E rijden over het fietspad langs de Ourthe. Dat is geen feest; kuilen en gaten zitten erin, maar een goede training voor morgen. Ons einddoel is Durbuy, het kleinste stadje van België, zoals het plaatsje zichzelf verkoopt. Na wat klimmem en dalen en 38 kilometer hebben we het bereikt. Daarna kiezen we voor dezelfde weg terug.
We douchen ons voor €0,70 met z’n drieën, want voor dat bedrag kreeg je 12 minuten warm water en om nou 12 minuten onder de douche te staan vonden we te lang. Daarna naar de pizzeria. We zijn er al bekend. Er zitten meer fietsfanaten, allemaal aan de pasta voor de volgende dag. Als we in onze slaapzak liggen is er plotseling herrie op de camping. Er blijkt een kleine brand bij een caravan te zijn.
Zaterdagochtend 5.15 uur, de wekker loopt af. Het is nog duister. De eerste fietsers vertrekken voor de 235 km. We ruimen op en ontbijten. Dan gaan we met de auto naar de start. Het wemelt er al van de auto’s. Pieter koopt nog snel een deelnemerskaart en dan gaan we om 7.05 uur van start voor de 170 kilometers klimmen en dalen.
Wie denkt dat het eerste stuk van L-B-L gemakkelijk is, komt bedrogen uit. Na 10 kilometer komt de eerste “côte” en die is maximaal 7%, maar duurt wel lang. Vervolgens is de côte De Kin met een stijging van 11% aan de beurt en we hebben dan nog maar23 kilometer gereden. Ook de Stoque, met een hoogte van 345 m is niet bepaald een gemakkelijke klim, en naar Baraque de Fraiture zit nog een stuk vals plat dat niet mis is. We zitten dan op 638 m hoogte en op de eerste controle na 64 kilometer en drie uur fietsen.
Tussenstuk
De volgende etappe gaat meer op en af, waarbij bij Jobieval naar 439 m geklommen moet worden, maar daarvoor zijn we heerlijk naar benden gesuisd, soms met meer dan 60 km per uur. Het eindpunt van deze etappe ligt boven op de Wanne en dat is een kolere klim met een max.van 16%. Aan het eind worden op de controle ontvangen met stukken banaan, koek en AA drink om de bidons bij te vullen.
Het is er een drukte van belang, iedereen heeft wel behoefte om even te rusten. Er zijn dan 95 kilometers onder de wielen doorgegaan en dat is in de benen te voelen. We rusten even op rand van een hek. Lekker in het zonnetje.

Op de routebeschrijving staat: let op gevaarlijke afdaling en dat klopt!! Met scherpe bochten racen we de Wanne af op weg naar Stavelot. Wie niet goed uitkijkt en dat soort lieden heb je altijd, gaat het weiland in met alle gevolgen van dien. Na de afdaling gaat de route dwars door het stadje en daar liggen nog echte kasseien! Je staat er bijna op stil.
21%
Op twee plaatsen in de route zit een klim van 21% en de eerste die we tegen komen is de côte d’Armamont. Het is een heftige klim en in mijn beleving ook de lastigste, vooral ook doordat de klim blijft doorlopen en je geen moment kan rusten tot je ook de côte de la Haute Levee hebt bedwongen. De teller komt op hele stukken niet verder dan 10 tot 12 kilometer per uur. Even Dalen en dan komt alweer de Rosier voor de wielen; slechts 9% is het maximum. Voordat we afdalen naar La Reid, hier rijd je het café bijna binnen, hebben we ook La Vequee met een klim van 8% gepasseerd.
Vanuit La Reid gaan we naar Remouchamps. Grotendeels dalen we af op een mooie brede weg en dit keer zonder gaten in het wegdek. En dan komt het; we moeten de La Redoute op met ook een maximale stijging van 21% en de benen doen al zeer! Er wordt geschakeld en gewrongen. De fietsers gaan dwars over de weg en trekken hun stuur bijna van hun fiets. Ik zie Pieter en Larry langzaam van me wegrijden. Het steilste stukje komt en het gelukt er fietsend overheen te komen. Even wordt het iets vlakker. De kenners zeggen: daar kan je even uitrusten. Vergeet het maar, er moet gewerkt worden. Tot aan de top van de La Redoute is het vreselijk afzien, maar als je boven bent, geeft het voldoening. We kijken naar degenen die na ons omhoog komen. Haast iedereen doet het op z’n tandvlees.
Na de La Redoute is het zwaarste klimwerk achter de rug. Nog één bergje van 6% en dan is het dalen geblazen naar Luik. Met de eindstreep in zicht worden er nog snelheden boven de 40 kilometer gehaald en om 15.15 uur zijn we binnen.
We worden door Piet Has en Anneke opgevangen. Pet Was ons al in het begin voorbij gereden en Anneke had langs de Maas en de Ourthe gefietst.
Met een nieuw T-shirt, wegens de 25e L-B-L en fris gedoucht zijn we huiswaarts gegaan. De uitdagende rit hebben we zonder pech en met veel inspanning en een goed gevoel volbracht.
Erno Rijnders
Tussen Maïsbossen en bloeiende heide.Zaterdag 4 augustus organiseerde de toerclub in Heerde haar jaarlijkse RABO-Heerde-Veluwe toertocht. Ik heb deze tocht al verschillende keren gereden en geniet er iedere keer weer van.
Samen met Larry Schouten heb ik 150 kilometer onder de wieltjes door laten gaan.
We troffen dit jaar heel lekker weer en dat was anders dan we de laatste weken gewend zijn geweest.
De route bracht ons eerst in de IJsselvallei, een gebied met veel boerenbedrijven. Dat was goed te merken aan de talrijke velden maïs waar we tussendoor reden en die ons zo hier en daar het uitzicht op de omgeving ontnamen. Het voordeel was echter dat we er ook beschutting tegen de wind van hadden.
De controle en koffiestop waren in Elspeet. Tussen Vierhouten en Elspeet werden we getrakteerd op bloeiende heidevelden. Het paars brak net door en liet de Veluwe van een heel mooie kant zien. Ook na de koffie werden we regelmatig verrast door de mooie paarse velden.
Op een volgende controle kregen we een banaan en drinken aangeboden en daar zagen we voor ons uit nog een shirt van onze vereniging rijden.
Nieuwsgierig als we zijn zetten we er een flink tempo in en vlak na de bult bij ’t Harde haalden we ons medelid in. Het was Jan Schoutsen, die voor de 100 kilometer had gekozen. Gezamenlijk reden we door de Dellen, een mooie weg door de natuur.
Aan het einde van de tocht wachtte ons de heerlijk warme douche en het genoegen een prachtige tocht gereden te hebben.
In totaal waren er 1558 deelnemers(sters) aan de diverse afstanden van 24, 50, 75, 100 en 150 kilometer. De club in Heerde had de ritten uitstekend uitgepijld en prima verzorgd. Zeker een tocht om aan te bevelen en de reistijd? Die viel mee met 5 kwartier waren van Hoorn in Heerde.

Zomertocht; regen spelbreker.
Op 29 juli 2007 hielden we de zomertocht. Zomer kon je het echter op deze dag niet noemen. De temperatuur bleef bij 18 graden steken en het regende hierbij ook nog.
Slechte omstandigheden bij de start van onze toertocht. We merkten dit aan de povere opkomst. Slechts 24 deelnemers!
Rond 10 uur klaarde het op en werd het toch nog lekker fietsweer. De deelnemers zijn niet nat terug gekomen en hebben een lekkere tocht gereden.
Zoals zo vaak hadden de thuisblijvers ongelijk.
Bovendien hoeft niet percé om klokslag 9 uur gestart te worden. Enig geduld leverde bij deze tocht droog weer op.
In de week van 17 tot en met 24 juni 2007 zijn vier clubleden actief geweest in de franse Alpen. Jan Kras , Pieter Kos, Larry Schouten en Erno Rijnders hebben vanuit Les Deux Alpes, een skigebied, een flink aantal klimtochten gereden.
1 uur en 20 minuten deden deze helden erover
Het begon al met de klim naar Les Deux Alpes. Een klim met 10 haarspeldbochten en een lengte van 8 kilometer was de eerste kennismaking met het gebied. Dat hebben we één keer gedaan. Daarna vonden we het aangenamer als de auto beneden aan de voet van de berg stond om ons na een klimrit naar boven te brengen. We hebben schitterende tochten onder een helder blauwe hemel gereden.
Over weggetjes 500 tot 600 meter boven het dal van de Romanche met een prachtig uitzicht over onder andere Bourg d’Oisans.
Uiteraard moesten ook de Tour de France col’s als Alpe d’ Huez en de Col de Galibier worden beklommen.


Klaar voor de klim
Erno vond dat echter teveel en beperkte zich tot de Col de Lautaret en halverwege de Galibier. Het klimmen ging soms met 8 tot 10 km per uur, maar naar beneden met 60 tot 65 km en dat is een heerlijke beloning na een zware klim.
Door het mooie weer dat we troffen waren de zweethemden kletsnat als we thuis kwamen. Drinken en nog eens drinken was een bittere noodzaak. Dat deden we in de vorm van heerlijke cappucino’s op een terras.
Wij hebben genoten van onze trip, maar bedenk wel dat het een gebied is waar hard gewerkt moet worden om boven te komen.

Elf Merentocht.
Op 12 mei reden twee leden de Elf Merentocht vanuit Sneek.
Honderdvijftig kilometer in een opengebied met veel wind en één dikke regenbui was hun deel.
Gelukkig zat de wind in de gunstige zuid-westhoek, waardoor het laatste stuk vanaf Warns fluitend voor de wind ging.
Ondanks de slechte weerberichten viel het uiteindelijk erg mee. We hebben ervan genoten, ook van de douche na afloop.
T.O.E. Rist
De ster van Huizen.Als je eens in een andere omgeving en toch in onze provincie wilt fietsen, dan is de ster van Huizen een mooie gelegenheid.
Zaterdag 19 mei is deze tocht, die in drie lussen is uitgepijld, verreden.
De routes lopen o.a door Ankeveen, en langs het Naardermeer.
Een tweede lus gaat richting Amersfoort en Soest. De laatste lus loopt door Flevoland Naar Almere.
Een leuke tocht met verschillende afstanden in een aantrekkelijk, afwisselend gebied, zo heb ik de tocht ervaren.
T.O.E. Rist.
De Westfriese Toerclub organiseerde de winter van 2008 twee activiteiten voor haar leden. Als eerste stond een winterwandeling gepland op zondag 20 Januari. U kon zich hiervoor opgeven bij Kniltje van Bockxmeer 0229-245393 of
De wandeling zal ongeveer 8 tot 10 km lang zijn en plusminus 2 uur in beslag nemen.
De tweede activiteit was fietsen op de baan in sportpaleis Alkmaar
Deze happening vond plaats op zondag 17 februari. Het baanfietsen heeft onder leiding van een trainer plaatsgevonden. Het was een uitdaging om het rijden op een houten piste eens te ervaren.
Het aantal deelnemers was beperkt tot 15.